De vrouw van Jos onderging een levertransplantatie en werd door omstandigheden zelf donor

Greet, een actieve vrouw van 48, is een toegewijde moeder voor haar drie kinderen en een graag geziene leerkracht in de basisschool in Beerse. In 2009 gaat ze samen met haar man Jos en een paar vrienden op vakantie naar Gran Canaria. 

“Al in het begin van de vakantie voelde Greet zich - ongewoon voor haar doen - moe en had ze geen eetlust”, vertelt haar echtgenoot Jos. “Terug thuis ontdekte de dokter dat er iets mis was met haar lever. Vanaf haar geboorte maakte Greet te veel bloedplaatjes aan en de lever kreeg dat niet meer verwerkt.”

De lever van Greet is zo ziek dat een transplantatie zich opdringt. Greet komt op de wachtlijst terecht. Gelukkig komt het nieuws snel dat er een nieuwe lever op haar wacht.  

Voor de transplantatie had ze een klein hartje, dat weet ik nog goed. De slaagkansen waren niet zo hoog en ze was ook bang dat de operatie niet zou doorgaan omdat er tijdig geen goede lever gevonden zou worden. Maar de transplantatie verloopt optimaal en Greet herstelt goed.

“Tegen de krokusvakantie begint Greet terug te werken. Totdat ze op een gegeven moment maagklachten krijgt. Blijkbaar is er iets misgegaan met de maag tijdens de transplantatie en dat moet hersteld worden. Deze operatie is veel ingrijpender, ook omdat de milt geraakt wordt en die nadien verwijderd moet worden. Greet herstelt veel langzamer, maar ze wil kost wat kost terugkeren naar haar grote passie: lesgeven. In december gaat Greet weer halftijds aan de slag. Het is een strenge winter dat jaar en de speelplaats ligt er glad bij. Op haar eerste dag in de middagpauze glijdt ze uit en valt ze op haar hoofd. In eerste instantie denkt ze dat er niets aan de hand is, later op de dag krijgt ze hoofdpijn en moet ze ook braken. In het ziekenhuis blijkt het ernstiger dan gedacht. Greet heeft een hersenbloeding en wordt met spoed geopereerd. Maar tevergeefs, de val heeft te veel schade aangericht en de volgende dag wordt Greet hersendood verklaard.”

Als de arts ons op gesprek vraagt, weten de kinderen en ik al wat hij wil vragen. Ja, Greet mag donor zijn. De arts is verrast dat we zo snel toestemmen, maar dit is wat Greet wil. We hadden er destijds bij haar transplantatie genoeg over gepraat.

“Ze was niet meer bij bewustzijn, dus ik kan niet zeggen dat we op dat moment mooi afscheid hebben kunnen nemen. Maar bij de zalving toen heel de familie aanwezig was, zagen we op de monitor even een verhoging van de hersenactiviteit. In haar onderbewustzijn moet Greet toch gevoeld hebben dat iedereen daar was. En de afscheidsdienst was prachtig, er waren zo veel mensen dat de kerk zelfs te klein was. Dat betekende veel voor mij en de kinderen.”

“Greet zei altijd dat ze twee verjaardagen had, maar ze heeft er maar één kunnen vieren. Het hele transplantatieverhaal is eigenlijk goed verlopen en dan krijg je een spijtig ongeval. Het was pure pech dat Greet uitgleed op de speelplaats. Je denkt altijd ‘het is op een ander’ tot je er zelf voor staat. Je vraagt er niet achter, je wordt er gewoon mee geconfronteerd. En dan moet je een manier vinden om er mee om te gaan.”

Ik ben niet zo’n prater, ik verwerk alles zelf. Maar Greet had het nodig om het met anderen te delen. Ze was ook dankbaar voor alles en iedereen. Als ze iemand kon steunen of helpen, dan deed ze dat. Daarom heeft ze ook een brief aan de familie van haar donor geschreven. Zo’n dankbrief hebben wij nooit gekregen. Ik weet wel dat haar lever opnieuw is getransplanteerd en dat haar hart in België is gebleven. Greet had een groot hart, ze was goed voor groot en klein. Dus de persoon die haar hart heeft gekregen, die mag zich gelukkig prijzen.